“Als amateur-acteur heb ik al best een hoop rollen gespeeld in mijn leven. Zo was ik ooit hoofdcommissaris bij de politie, Romeo (van Julia), een vogelverschrikker, een dominee en de vader van Jane Eyre die nog geen vijf minuten na het begin van het stuk doodging (maar ik mocht wel een mooi duet zingen). Maar acteren beperkt zich niet alleen tot het podium: in het dagelijks leven spelen we ook allemaal onze eigen rol. Joost van de Vondel zei ooit: “De wereld is een schouwtoneel, elk speelt zijn rol en krijgt zijn deel.” Mede dankzij mijn acteerervaring wissel ik moeiteloos voortdurend van rol: het ene moment ben ik een Brabantse plattelandsjongen (inclusief accent), dan weer de kassajongen bij de Albert Heijn, en het volgende moment de kunstgeschiedenis-student uit Utrecht. Er is echter één rol die ik onlangs in mijn schoot geworpen kreeg waar ik nog een beetje aan moet wennen, en dat is die van opa. Onlangs werd ik ‘de opa van de AC’ genoemd, en sinds ruim een week ben ik de trotse bestuursopa van twee prachtige commissaris-kleinkinderen. Maar ach, ik weet zeker dat ik me ook deze rol vast snel eigen zal maken, ik ben immers een acteur.”