“Als ik binnenkom zie ik een zeemeermin, ze heeft knalrood haar en draagt een glazen blad. Op het blad alleen al liggen misschien wel 8 boeken, verder ook een eierdopje met haarspeldjes die ik ‘s avonds uitdoe. Op het blad staat ook een eend, hij geeft licht als ik dat wil. Links van het tafeltje staat een rode bank, precies klein genoeg om mijn kamer te vullen. Ik ga op de bank zitten en achter me voel ik de aanwezigheid van heel veel fotolijstjes. Naast de bank staat een tv-kast turned into kledingkast. Eigenlijk is deze te klein en misschien is dat ook de reden dat ik momenteel op een gekreukte blouse zit. Op de kledingkast staat de kleinste cactus die men ooit zal zien. Zittend op de bank zie ik mijn boekenplanken, op een van deze planken staat het boek over Franse Kaas. Dit is vaak een reden voor mensen om te zeggen: ‘elke keer als ik in jouw kamer ben, ontdek ik iets nieuws.’ Ik hou van kunstgeschiedenis en mijn kamer is het kleinste museum van Utrecht.”